Regels

 

Inhoudsopgave

 

1.†††††††† Inleidende bepalingen1

Artikel 1†††††††††††††† Begrippen1

Artikel 2†††††††††††††† Relatie bestemmingsplan - partiŽle herziening2

2.†††††††† Algemene regels3

Artikel 3†††††††††††††† Anti-dubbeltelbepaling3

3.†††††††† Overgangs- en slotregels4

Artikel 4†††††††††††††† Overgangsregels4

Artikel 5†††††††††††††† Slotregel 5

 

 

 


1.        Inleidende bepalingen

Artikel 1     Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1       bestemmingsplan:
de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand
NL.IMRO.0595.DeMiereakker10-BP80 met bijbehorende regels;

1.2       plan:
het bestemmingsplan "De Miereakker, 1e partiŽle herziening" van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk;

1.3       plankaart:
de analoge verbeelding van het GML-bestand NL.IMRO.1901.1phDeMiereakker12-BP80;

1.4       partiŽle herziening:
de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.1901.1phDeMiereakker12-BP80 met bijbehorende regels.

 

 

Artikel 2     Relatie bestemmingsplan - partiŽle herziening

De regels behorende bij het bestemmingsplan zijn onverminderd van toepassing voor de onderhavige partiŽle herziening, tenzij in deze partiŽle herziening anders wordt bepaald.

 

 

2.        Algemene regels

Artikel 3     Anti-dubbeltelbepaling

3.1    Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

 

 

3.        Overgangs- en slotregels

Artikel 4     Overgangsregels

Bouwwerken

4.1       Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van de partiŽle herziening aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:

a.   gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
b.   na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

4.2       Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 4.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 4.1 met maximaal 10%.

4.3       Lid 4.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

 

Gebruik

4.4       Het gebruik van gronden en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van de partiŽle herziening en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

4.5       Het is verboden het met de partiŽle herziening strijdige gebruik, bedoeld in lid 4.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

4.6       Indien het gebruik, bedoeld in lid 4.4, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

4.7       Lid 4.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

 

 

Artikel 5     Slotregel

Deze regels kunnen worden aangehaald als "Regels bestemmingsplan De Miereakker, 1e partiŽle herziening".